Concert 29 april

Galerie Marzee 16 uur

EMMA BREEDVELD – viool

HELEEN HULST – altviool

GERARD BOUWHUIS – piano

THE BAD BOYS

We besluiten het seizoen met een concert waarvan de titel refereert aan de bijnaam die George Antheil kreeg toen hij in de 20-er jaren van de vorige eeuw langs de Europese concertzalen toerde. Zijn publiek reageerde geschokt: muziek geïnspireerd op jazz, op machinegeluiden en natuurlijk op zijn grote voorbeeld Stravinsky. U hoort twee van deze werken en zijn eerste vioolsonate. Verder hoort u werken Chiel Meijering en de Suite voor viool en piano van Henry Cowell. De titel van dit laatste werk klinkt onschuldig maar schijn bedriegt.

Programma

Henry Cowell (1897-1965)               Suite voor viool en piano (1926)
 – largo
– allegretto
– andante tranquillo
– allegro marcato
– andante calmato
– presto

Chiel Meijering (1954)                     2003
Deel 1. Variation on a Variation by Franz Liszt on a Waltz Tune of Antoni Diabelli
Deel 2. Cajun
Deel 3  –
Deel 4 Farewell to summer

George Antheil (1900-1959)
– Sonatine Death of the Machines (1922) (4’)
– Jazz Sonata (1922) (3)

Michael Nyman (1944)
Time lapse, uit ‘Zoo Caprices (1986) (5’)

George Antheil                                      Violin Sonata nr. 1  (25’)
– Allegro moderato
– Andante moderato
– Funerre lento
– Presto

George Antheil Zonder een mecenas had de Amerikaanse pianist en componist Georg Antheil nooit zijn radicale leven kunnen leiden. Als pianist toerde hij in 1922 door Europa , op het programma stonden naast het standaardrepertoire ook eigen werken met titels als ‘airplane sonata’, ‘death of the machines’, ‘ sonate sauvage’. Hierbij afficheerde hij zichzelf als futurist en gaan er zelfs verhalen de ronde dat hij de concertdeuren liet sluiten en een revolver op de vleugel legde opdat niemand het in zijn hoofd zou halen niet naar hem te luisteren. Aan zijn eigen mythevorming droeg hij bij door in zijn boek (en bijnaam) ‘bad boy of music’ te schrijven dat er  vissenkommen op zijn vleugel stonden om zijn bebloede handen in te verkoelen. Dat hij verder van vele markten thuis was blijkt uit zijn uitvinding van een torpedojager,  artikelen over endocrinologie en een zeer populaire rubriek in de Chicago Sun met adviezen voor ‘hopeloos verliefden’
Zijn grote held was Igor Strawinsky die hij van Berlijn naar Parijs volgde. In de eerste vioolsonate –die hij schreef in opdracht van Ezra Pound voor diens minnares de violiste Olga Rudge- zijn onmiskenbaar sporen van Strawinsky’s L’Histoire du Soldat en Les Noces te horen.  Het tweede deel laat invloeden horen van de reis die hij net naar Tunesië had gemaakt. Antheil vindt zijn eigen stem vooral in het laatste deel. Fragmenten uit het eerste deel worden uit hun verband gerukt en viool en piano lijken in slagwerkinstrumenten te zijn veranderd. De stiltes worden almaar zinderender, de timing onvoorspelbaar.

Chiel Meijering Toen Susanne van Els me vroeg een stuk te schrtijven voor haar nieuwe Duo met o.a. Mozart en Bartok op het programma, besloot ik dat het aardig zou zijn aan stijlen te referen waar de viool een belangerijke plaats inneemt. (2003)
Deel 1. Variation on a Variation by Franz Liszt on a Waltz Tune of Antoni Diabelli is een tongue in cheek geval, een door Liszt bewerkte melodie van Diabelli door mij ook weer opniew bewerkt.
Deel 2. Cajun, Country-fiddle gecombineerd met wat toefjes Mozart
Deel 3. is een stijloefening in Minimal-technieken. Een ostinato en een uit 3 tonen bestaande melodie ontwikkelen zich uiterst traag. Waar in het eerste deel de voortgang en ontwikkelen hoog zijn, is dat in dit deel juist omgekeerd.
Deel 4: Hierin liet ik me inspireren door Antonio Vivaldi’s (zelf violist) 4 jaar getijden (vermoedelijk de zomer…). De titel is een beetje cynisch in die zin dat we dat stuk nu toch wel genoeg gehoord hebben (Farewell).
Het stuk geeft een andere kijk op Vivaldi’s versie, maar nog wel is goed te horen wat het oorspronkelijk idee was.

Emma Breedveld kreeg haar eerste vioollessen van vioolpedagoge Coosje Wijzenbeek. Daarna studeerde zij aan het Utrechts Conservatorium en tenslotte aan het Conservatorium van Amsterdam bij István Párkányi. Ze volgde masterclasses bij onder andere Yvri Gitlis, Gilles Apap en Giora Feidman. Emma tourde zeven jaar als 1e violiste van Carel Kraayenhof’s Sexteto Canyengue de wereld door. Ze is de oprichtster en violiste van Trio Escapada.
Emma speelt in meerdere ensembles, is regelmatig te gast in ensembles en speelt in diverse ad hoc producties.
Ook is ze violiste bij het Ives Ensemble en het Floreal Strijkkwartet.
Als docent viool is ze werkzaam aan het Conservatorium van Amsterdam en aan de Muziekschool Amsterdam.Op het conservatorium geeft ze ook het vak ‘composing for strings’. Ze coacht ensembles en orkesten, vooral op het gebied van tangomuziek.
Emma is regelmatig te vinden op zomercursussen, zo was ze afgelopen jaren te gast als docent, arrangeur en dirigent in Spanje, tijdens de muziekcursus ‘Verano Musical’, een 10-daagse cursus voor strijkers van alle leeftijden en alle niveaus.

Heleen Hulst studeerde bij Vera Beths aan het Koninklijk Conservatorium van Den Haag. De afgelopen jaren maakte zij deel uit van onder andere het Asko|Schönberg Ensemble, Remix Porto en het Nieuw Ensemble. Recent richt zij zich hiernaast ook meer op de oude muziek en speelt bij het Combattimento Consort, Anima Aeterna en de Van Swieten Society. In 1995 en 1997 nam zij deel aan het Tanglewood Music Festival waar zij beide keren werd onderscheiden met de prijs voor ‘an outstanding violinist’.
In 2010 schreef Martijn Padding het vioolconcert ‘White Eagle’ voor haar en het Asko Ensemble, dit concert is inmiddels op CD verschenen.
Haar brede belangstelling bracht haar tot samenwerkingen met o.a. het Nederlands Dans Theater, Dansgroep Krisztina de Châtel, ZT Hollandia en choreograaf Paul Selwyn Norton.
Met pianist Gerard Bouwhuis vormt zij een duo dat zich vooral toelegt op het repertoire van de 20ste eeuw. Verschillende Nederlandse componisten droegen werk aan hen op waaronder Paul Termos, Cornelis de Bondt, Elmer Schönberger, Peter Adriaansz, Martijn Padding en Guus Janssen.
In 2005 richtten zij samen de kamermuziekgroep Nieuw Amsterdams Peil op; een groep die zich richt op de kamermuziek van de 20ste en 21ste eeuw.

De pianist Gerard Bouwhuis is gespecialiseerd in eigentijds repertoire. Hij geeft recitals en is een veelgevraagd solist bij bijna alle gerenommeerde ensembles en orkesten in Nederland. Als solist was hij betrokken bij uitvoeringen met o.a. Schönberg Ensemble, Ebony Band, Nederlands Blazersensemble, Radio Kamerorkest en BBC National Orchestra of Wales met o.a. de dirigenten Reinbert de Leeuw, Oliver Knussen, Werner Herbers, Peter Eötvös en Emilio Pomarico.
In 1978 richtte hij met Cees van Zeeland het Pianoduo op. Sinds 1989 maakt hij deel uit van de groep LOOS. in de loop van zijn carrière heeft Gerard Bouwhuis veel componisten geïnspireerd nieuw werk voor hem te schrijven, onder wie Louis Andriessen, Cornelis de Bondt, Rob Zuidam, Guus Janssen en Martijn Padding.Als solist maakte hij tournees door Noord- en Zuid Amerika, Canada, Japan en Australië. Met Heleen Hulst vormt hij sinds 1998 een duo en richtte met haar Nieuw Amsterdams Peil op, een ensemble dat zich richt op de kamermuziek van de 20e en 21e eeuw.
Voor zijn bijzondere inzet voor de hedendaagse Nederlandse muziek ontving hij in 2003 de Theo Bruinsprijs. Bouwhuis is docent hedendaagse muziek aan het Koninklijk Conservatorium te Den Haag

Concert 18 maart

Galerie Marzee 16 uur

AXEL PORATH
altviool

MARGIT KERN
accordeon

DIE TIEFE DER ZEIT

Het derde in een serie van drie concerten door leden van het befaamde Keulse ensemble Musikfabrik. Na de indrukwekkende optredens van de klarinettist Carl Rosman, de trompettist, Marco Blaauw en de contrabassist Florentin Ginot hoort u nu de altviolist Axel Porath en de accordeoniste Margit Kern.

Bij weinig instrumentaties versmelten de klanken zo als bij die van accordeon en altviool en dat heeft tal van hedendaagse componisten geïnspireerd stukken te schrijven voor de combinatie van deze twee instrumenten. Het programma “Die Tiefe der Zeit” gaat terug van onze tijd tot de muziek van John Dowland en combineert het met het ontroerende duo onder dezelfde titel van de Japanse componist Toshio Hosokawa. Verder hoort u onder meer een duo van Wolfgang Rihm en solo’s voor altviool en accordeon.

Programma

Ulrich Kreppein                    Spielraum (2016/17)
                                                  altviool en accordeon

John Dowland                      Flow my tears
                                                 altviool en accordeon

Wolfgang Rihm                     Fetzen 4 (2004)
                                                  altviool en accordeon

John Dowland                       If my complaints could passions move
altviool en accordeon

Uros Rojko                            Molitve (Gebete) (1994)
                                                 altviool en accordeon                         

  pauze

 Enno Poppe                           Filz Solo (2017)
                                                   altviool solo

 John Dowland                       Can she excuse my wrongs
                                                   accordeon

Toshio Hosokawa                In die Tiefe der Zeit (1994/96)
                                                  altviool en accordeon

Margit Kern groeide op in Darmstadt en studeerde accordeon bij Hugo Noth en Matti Rantanen aan de Sibelius Academie in Helsinki. Margit geeft solo-recitals en treedt op met kamermuziekensembles in tal van europese steden en maakte daarnaast tournees in de Verenigde Staten en Zuid Korea. Ze speelde als gast onder meer bij Ensemble Musikfabrik, Ensemble Modern, l’art pour l’art, in het Seoul Spring Festival, de Weltmusiktagen in Stuttgart, Musica Viva in München, Perugia Classica Festival en Forum Neue Musik van de DLF. Ze werkt nauw samen met tal van componisten en geeft premières van hun werken. In 2005 kwam haar eerste solo-cd uit onder de titel “Heart”, gevolgd door TWO in 2011 en “mirror” in 2013. Bij “Mixtura” bracht ze drie CD’s uit.
Margit Kern is docente aan de muziekafdeling van de Hochschule für Künste in Bremen.

Axel Porath werd in Hagen geboren. Hij studeerde altviool bij Hermann Voss en Gunter Teuffel aan het conservatorium van Stuttgart en strijkkwartet bij het Melos kwartet en bij Jörg-Wolfgang Jahn in Karlsruhe. Sinds 2002 is hij lid van Ensemble Musikfabrik. Met dit ensemble speelt hij over de hele wereld op alle vooraanstaande festivals voor hedendaagse muziek als solist en ensemblespeler. Hij werkte nauw samen met componisten als Maurizio Kagel, Helmut Lachenmann, György Kurtag, Wolfgang Rihm, Peter Eötvös, Martin Smolka, Enno Poppe en Liza Lim en uit deze samenwerking ontstonden tal van nieuwe werken. Toshio Hosokawa droeg het Solowerk IBUKI (ATEM) aan hem op.
Verder speelt hij in verschillende kamermuziekformaties waaronder trio Odilon met fluit en harp, als duo met de accordeoniste Margit Kern en eveneens als duo met de saxofonist Michael Villmow. Als solist trad hij op met de Baden-Baden Philharmonie en met het Neue Rheinische Kamerorkest van Keulen.